'Haben Sie eine Stunde?'
- Leo Beenhakker

Zo vertrok Davinson Sánchez naar Londen

De kermis rond Davinson Sánchez lijkt in volle gang. In het echt is het al lang besloten. Vincent Cardinaal was te gast in de bovenkamer van de voetballer, en in de achterkamer waar het allemaal werd beslist.

Door , in categorie: Column Verhaal op . Tags: , , , ,

‘Zo stapte Davinson Sánchez uit een auto’ – de verdediger van Ajax dacht wel vaker in de derde persoon over zichzelf. Hij haalde er kracht uit, het gaf een gevoel alsof je heel je borst vol met lucht zoog en dit weer langzaam liet ontsnappen: heerlijk. En omdat het zich alleen in zijn kop afspeelde, was het helemaal van hem, niemand had er wat mee te maken. Het was een bubbeltje waarin hij nog Davinson Sánchez was, de Davinson die alleen hij kende, niet de bekende voetballer waar iedereen zich een mening over permitteerde.
In het veld was het overigens ook een fijne oppepper. Probeer het maar eens. Je motiveert jezelf toch net dat beetje extra:

-‘Kijk, zo kopte Davinson Sánchez een bal tot corner’.
-‘Zo trapte hij een bal buiten de lijnen en zo maakte hij een handgebaar naar de scheids.’
-‘Zo gaf hij de tegenstander te kennen op te rotten en nu gauw een beetje.’

Of, zijn absolute favoriet: ‘Zo plantte Davinson Sánchez zijn noppen in het onderbeen van Alexandre Lacazette, die aansteller.’

Maar goed. Terug naar die auto, die hij zojuist had verlaten. Hij liep door een troosteloze buurt, niet ver van de Arena. Het was bij een station met een naam die alleen uit te spreken was door Nederlanders zelf. Hoor, daar galmde een intercom het hem al na: ‘Duivendrecht…’ Hij liep naar een gebouwtje, anoniem opgetrokken uit glas en staal. Zijn gezelschap bestond uit een paar zaakwaarnemers en een regelneef, maar zij deden niet echt terzake. Ook niet al te boeiend: wie er al een uur zaten te wachten in dat pand. Er waren de twee directeuren uit Amsterdam, de een klein, de ander lang. Wat lui uit Londen. Ze vonden zichzelf allemaal heel wat, maar ook hen moest Davinson Sánchez teleurstellen – ze hadden net zo goed thuis kunnen blijven. De enige die er wat toe deed was een wat ouder mannetje, van onbestemde herkomst. Hij moest grinniken bij de gedachte aan hem, hij zag hem al zitten, schijnbaar nederig in een hoekje. De rest vroeg zich af wie hij precies was, maar ze kenden zijn reputatie ongetwijfeld ook. Waar hij verscheen, daar werden knopen doorgehakt. Ze waren bij de voordeur, die direct openzwaaide. Met een volmaakte cool stapte hij binnen. ‘Kijk, zo zette Davinson Sánchez een Nike Air Jordan over de drempel.’

Binnen ging het snel. Hij knikte naar Paco, die inderdaad bescheiden in een hoekje zat. Zijn kleding nog een tikkie grijzer dan zijn uitstraling. Het spel begon nu, maar hij wist al hoe het zou aflopen. De mannen uit Londen deden een bod, waarop de mannen uit Amsterdam moeilijk begonnen te kijken, om uiteindelijk een tegenbod te doen. Zijn zaakwaarnemer vroeg om een pauze, waarna ze dertig minuten duimen draaiend op de binnenplaats stonden. En al die tijd verroerde Paco geen vin. Tot hij het welletjes vond.

Het moment kwam na een uur of vier. Paco stond ineens op. De kleine Amsterdammer schrok er zelfs een beetje van. Uit zijn binnenzak haalde Paco een envelop. Deze legde hij netjes op tafel. ‘Nooit grote gebaren maken, amigo.’ Dat had Paco hem toegefluisterd op de luchthaven van Bogota, nu iets meer dan een jaar geleden. In de vlucht die daarop volgde, verboog Paco zijn onschuld definitief tot koel realisme. Alles was al besloten, en nee, je hoefde je er niet tegen te verzetten. Gewoon je best doen, en niet te veel grote gebaren, dus. De macht was al aan het verschuiven, die clubs in Europa…ach, die dachten nog heel wat voor te stellen. Laat ze, dat werd hem toegefluisterd. Uiteindelijk zouden de bazen hun eigen competities wel oprichten, en werd je daar eigendom van, zoals in de NBA. Dan zouden jullie allemaal lekker in een afgesloten wijk bij Doha komen te wonen, tjokvol airconditioning. De rijkdom stroomde er door de straten. Paco gaf het nog een jaar of tien, voor het zo ver was. Tot die tijd was het behelpen geblazen met schijntransfers van Amsterdam naar Londen naar Madrid en weer terug.

Samen met Paco verliet hij nu het pand. Buiten namen ze met een kort knikje afscheid. De verdediger zette zijn hoodie op, en liep met zijn gezelschap naar de geblindeerde wagen. Ergens in de verte zag hij het dak van het stadion. Hij zou het niet gaan missen. Toen hij de auto instapte dacht hij maar een ding: ‘Zo vertrok Davinson Sánchez naar Londen.’