'Haben Sie eine Stunde?'
- Leo Beenhakker

Over Catalonië en het shirt van Luís Suarez

Martijn Neggers zag ongelofelijk veel dingen in het voetbal waar de letters Team Edgar vanaf dropen. Toch heeft hij er na zondag helemaal geen zin in. Laat dit de maandag van het definitieve failliet van Suarez zijn.

Er zijn best wel veel weken in het leven waarop de treurnis niet met zulke grote druppels uit de poriën van het voetbal naar beneden druipt. Barcelona speelt een wedstrijd zonder publiek omdat de Catalaanse stad kort en klein geslagen wordt door de Spaanse politie, Willem van Hanegem gaat gezellig op de foto met Thierry Baudet, u weet wel, die man van ‘vrouwen hebben minder ambitie’ en de man die ‘Hollandsche Rassenleer’ in een nieuw kek xenos-jasje gestoken heeft. En Clarence Seedorf ging niet naar Oldham.

Ik zou columns vol kunnen schrijven over Clarence, en hoe hij rondgeleid wordt door Boundary Park. Een kort verhaal over hoe hij, op het toilet in The Millstone Pub in Manchester zichzelf moed inspreekt, en hoe hij aan zichzelf uitlegt dat het écht een goed idee is om net als Jerrel Hasselbaink manager te worden in de League One. Ik zou een vurig betoog kunnen houden waarin ik zou uitleggen dat het écht eeuwig zonde is dat hij het uiteindelijk toch niet gedaan heeft. Dat ik zo ongelofelijk veel zin had in het beeld van die obese oude Britse man die vanaf de tribune, met brokjes gehakt in zijn baard, naar Seedorf schreeuwt hoe voetbal werkt.

Of ik had een dialoog kunnen schrijven tussen Baudet en Van Hanegem, over hoe de Kromme aan Thierry uitlegt dat hij het ‘godverdimme mooi vindt hoe Baudet voor de gewone mensen op zegt te komen, maar dat natuurlijk uiteindelijk helemaal niet doet’. Om Van Hanegem aan een serveerster te horen vertellen dat die gozert van de politiek echt een man is van geen woorden maar daden. En we weten allemaal: als politici zeggen dat ze van ‘geen daden maar woorden zijn’, dan bedoelen ze het andersom.

Misschien had ik Willem zelfs nog wel een lullig drankje kunnen toedichten. Een fristi of zoiets. Een warme chocomel met slagroom, en discodip erop. Of ik had Baudet in het Latijn kunnen laten oreren over hoe hij vroeger zelf ook een begenadigd voetballer was geweest, in zijn jeugdjaren.

En dan had ik Willem alleen maar een keer blozend laten kijken. Want als Thierry praat, dan hou je je bek, zélfs als je een van de beste voetballers van Nederland ooit bent, en misbruikt wordt als pr-kanon om de Feyenoorders aan je politieke partij te binden.

Ik had een verhaal willen schrijven over Wesley Sneijder die op de tribune beland is in Nice, en appt met die andere grootheid Raffie. Ik had een verhaal willen schrijven over de mouwtjes van Pierre van Hooijdonk, die écht altijd te netjes opgerold zijn (spoiler: hemeltergend), of Bert van Marwijk nog een trap na kunnen geven omdat ik vind dat hij te makkelijk wegkomt met zijn keuze voor Saudi-Arabië, en dat ik hem heel graag doodongelukkig en vol schaamte op het WK had zien zitten.

Maar dan ineens zie ik Luis Suárez, voetbalmiljonair in Barcelona, die een kans mist in het weekend dat Catalonië wéér eens neergeknuppeld wordt door de Spaanse politie. Ik zie, terwijl Catalaanse brandweermannen tussen de ME-ers en de gewone mensen gaan staan, Luis krijsen omdat hij de bal niet tussen de palen gepeerd kreeg.

Terwijl ik op twitter kijk naar een filmpje van een Catalaans omaatje met een stembiljet in haar handen dat door vier man sterk tegen de grond geduwd wordt, zie ik op mijn laptop hoe Luis Suárez, voetbalmiljonair, ik zeg het nog maar eens, zijn shirt vastgrijpt. Dat shirt dat al zo lang de ultieme trots is van dat volk dat al zo lang door Madrid getergd en gepest wordt. Dat shirt van de club die éindelijk af en toe een prikje kon uitdelen. Ik kijk hoe Suarez het vastpakt en verscheurt.

Dan maar geen Clarence. Dan maar geen Thierry en Willem. Dan zelfs maar geen Wes en Raf. Deze week wil ik er even helemaal niets meer van horen. Ik weet niet, hoor, maar volgens mij is het voetbal af. Het is af en heeft er deze week alweer een nieuw dieptepunt bij.