'Haben Sie eine Stunde?'
- Leo Beenhakker

Op zoek naar het Henrik Larsson-effect

Nadat Zweeds voetbalicoon Henrik Larsson als trainer degradeerde met zijn jeugdliefde Helsingborg, koos hij voor de luwte. Tot nu: als assistent van Ängelholm FF, een derdeklasser, is hij weer actief. Jeroen Demmendaal woont in Gotenburg en ging voor Team Edgar kijken in de kelder van het Zweedse voetbal.

Door , in categorie: Verhaal op . Tags:

“Ik ga vast in de rij staan voor de worsten,” zegt een man, gehuld in Ängelholm-sjaal, grijnzend na veertig minuten wedstrijd. De grap wordt met hartelijk gelach begroet — vrijwel alle toeschouwers kunnen hem horen, aangezien er slechts dertig zielen zijn komen opdagen op deze grijze maar droge zaterdagmiddag. Welkom bij professioneel voetbal in Zweden.

Utsikten Bollklubb, een van de vele voetbalverenigingen in Gotenburg en uitkomend op het derde niveau in Zweden (dat vreemd genoeg officieel door het leven gaat als Division 1), speelt vandaag een thuiswedstrijd tegen Ängelholm FF, afkomstig uit het gelijknamige dorp in zuid-Zweden. Grootste claim to fame van Ängelholm: sportwagenfabrikant Koenigsegg heeft er zijn thuishaven. De wedstrijd wordt gespeeld op Ruddalen, een ministadion aan de westkant van Gotenburg.

Henrik Larsson is slechts enkele dagen eerder aangesteld als assistent-trainer bij Ängelholm. Alexander Tengryd, met wie hij bij Helsingborg samenwerkte, maakt zijn eerste seizoen als hoofdtrainer door, maar worstelt. Ängelholm heeft de sympathieke ambitie om de selectie minimaal voor de helft met eigen kweek te vullen, maar de ploeg (gemiddelde leeftijd 21 jaar) bivakkeert inmiddels net boven de degradatiestreep. Met nog zes wedstrijden te gaan (in Zweden wordt de competitie van voorjaar tot najaar gespeeld) heeft de clubleiding ingegrepen: Tengryd blijft hoofdtrainer, maar krijgt voor de rest van het seizoen steun van Larsson, die op pro bono-basis zal fungeren als “klankbord” tijdens trainingen en wedstrijden.

Ruddalen moet een surrealistische omgeving zijn voor een man die zijn sporen verdiend heeft op het gras van De Kuip, Celtic Park, Camp Nou en Old Trafford. Tijdens de warming-up loopt Larsson, inmiddels 47, maar een beetje in de rondte met zijn handen losjes in de zakken. Een wijzend vingertje hier, een schouderklopje daar, dat is het wel. Zijn aanwezigheid is het belangrijkste signaal naar de jonge honden om hem heen. Het contrast met Tengryd is frappant: die doet zowel tijdens warming-up als wedstrijd denken aan een Duracell-konijn.

De spelers mogen dan nauwelijks het Nederlandse amateurniveau ontstijgen, op trainersvlak is dit een wedstrijd der giganten. Het Zweedse voetbalteam dat in 1994 de bronzen medaille won op het Wereldkampioenschap, geniet in Zweden nog altijd een mythische status. Beide teams hebben een lid van die heldenploeg in hun gelederen. Larsson vertegenwoordigt de gouden generatie namens Ängelholm, terwijl Utsikten getraind wordt door voormalig IFK Göteborg, Lausanne en Everton-middenvelder Stefan Rehn. Er is overigens een belangrijk verschil tussen beide medaillewinnaars. Waar Larsson scoorde in de befaamde bronsmatch, daar speelde Rehn het hele toernooi geen minuut.

Dat verschil in status is merkbaar. Rehn, inmiddels voorzien van een indrukwekkend welvaartsbuikje, groet mij hartelijk wanneer ik achter de dug-out van Utsikten plaatsneem en een duim naar hem opsteek. Van Larsson krijg ik slechts een minzaam knikje terug wanneer ik hem groet, maar hij bevindt zich strikt gesproken dan ook op vijandelijk terrein.

Zo voelt het overigens niet: sowieso is er van een wedstrijdsfeer nauwelijks sprake. Voor aanvang worden we via de stadionspeakers getrakteerd op een eclectische muziekmix: Justin Bieber, Mumford & Sons, Zweedse schlager en vergeten singles van Spandau Ballet (“Be Free With Your Love”, anyone?). Een krap kwartier voor de aftrap, als de spelers na hun warm-up het veld verlaten, wordt de muziek uitgezet. Vervolgens zit iedereen, als ware het een begrafenis, tien lange minuten in doodse stilte te wachten tot beide elftallen weer terugkeren. De toss wordt, bij gebrek aan een munt, gedaan door middel van rock paper scissors.

Tijdens de wedstrijd blijft de sfeer die van een rusthuis: dertig betalende toeschouwers maken nu eenmaal weinig lawaai. Af en toe klinkt slechts de enthousiaste stem van een peuter: “Heja pappa!” Het blijkt de dochter van Utsikten-spits Anders Mogren, die ondanks de aanmoediging van zijn kroost nauwelijks een bal raakt. Wat ook snel duidelijk is: de thuissupporters zijn vandaag in de minderheid. We bevinden ons weliswaar in Gotenburg, maar Ängelholm lijkt het halve dorp in de spelersbus te hebben geladen.

De buschauffeur maakt zich tijdens de rust vooral druk over de terugreis. “We kunnen natuurlijk stoppen bij dat pastarestaurant, maar misschien willen de jongens wel direct terug,” zegt hij tegen niemand in het bijzonder, terwijl ik achter hem in de rij voor de worstenkraam sta. Naast de kraam staat een hek wagenwijd open, voor wie geen zin heeft om 150 kronen entree te betalen. Ik wijs de grijze duif achter de kassa op dit feit, maar die kijkt me slechts glazig aan en maakt geen enkele aanstalten om actie te ondernemen.

Net voordat de tweede helft weer op gang komt, neemt Larsson Ängelholm-spits Andreas Karlsson (roepnaam Kalle) even apart en fluistert hem enkele woorden toe. Wat de boodschap precies is weet niemand, maar Kalle dartelt vervolgens als een Zlatan-in-de-dop over het veld. In de 52e minuut passeert hij drie man, wordt neergehaald binnen de zestien en versiert zo een pingel. Teamgenoot Casper Seger velt vervolgens het vonnis: na vier nederlagen in de laatste vijf wedstrijden leidt Ängelholm de dans.

Het laatste half uur is eigenlijk niet om aan te zien, maar Ängelholm weet de voorsprong dankzij georganiseerde chaos in de defensie en onvermogen bij de tegenstander vast te houden. Als het laatste fluitsignaal klinkt, gaat een luid gejuich op vanuit de dug-out. Patrick Arthur, een Ghanese huurspeler van 21 die dankzij een samenwerkingsverband met Dreams FC uit de Ghanaian Premier League op de Zweedse velden terecht is gekomen, is buiten zinnen. “Yes! Yes! Yes!” schreeuwt hij, terwijl hij een aantal salto’s maakt en over het veld rolt.

Bij de spelersbus staat de chauffeur even later een sigaret te roken, in afwachting van zijn passagiers, terwijl de onverbiddelijke Zweedse najaarsduisternis zijn intrede doet. Uit de kleedkamer van het gammele clubgebouw klinkt een luid gejoel: het onmiskenbare geluid van een Larsson-effect.

Jeroen Demmendaal (1983) is schrijver en woont in Zweden. Voor Team Edgar publiceerde hij eerder over zijn favoriete Nederlandse cultclub Roda JC en over zijn favoriete Nederlandse cultspeler: Henk Veerman. Volg Jeroen vooral op Twitter.






Edgars leesadvies