'Haben Sie eine Stunde?'
- Leo Beenhakker

El Sierd en het verdriet van de kokosnoten

Oranje is er niet bij in Rusland, en Sierd de Vos dus ook niet. Waar is Sierd de Vos dan wel, vraagt u zich af? Lucas de Waard ging op zoek en trof hem daar waar je een locatieverslaggever zonder locatie verwachten mag: op de camping.


El Sierd kijkt naar de wolken. Het wil maar niet regenen. Mistroostig port hij met de punt van zijn instappers in het bed viooltjes. Ze hangen er slapjes bij. Sierd gaat met zijn gezicht vlakbij de viooltjes hangen. ‘KOEKOEK!’ brult hij. De viooltjes geven geen krimp. Onverschillig houden zij hun stampertjes naar de grond gericht. Ze kennen Sierd langer dan vandaag.

Sierd recht zijn rug en gaat zuchtend zijn stacaravan binnen. Daar staat een klein teeveetje te tetteren. De Duitsers zijn zojuist door de Koreanen met 2-0 naar huis gestuurd. Sierd ziet een beeld van een huilende Duitse schone. Haar schminck is uitgelopen. Een druppeltje zwart is onderweg naar haar decolleté. ‘Joekels van kokosnoten’ mompelt Sierd.

Normaal gesproken kun je Sierd ’s nachts wakker maken voor rouwende Duitsers, maar nu wil het hem niet opvrolijken. Er hangen drie mannen met opengeknipte voetballen op hun kop en Hawaïkransen om hun nek te janken op een dranghek, maar de tinteling in zijn maagstreek als hem een grap te binnen schiet blijft uit. ‘En nou ook meteen onze fietsen teruggeven’ fluistert hij ongeïnspireerd, maar er is niemand die hem hoort.

Nu Nederland er niet bij is op het WK hoeft Sierd ook geen verslag ter plaatse te doen. ‘Maar het is Rusland!’ riep hij tegen Wilfred, die hem het slechte nieuws kwam brengen. ‘Ik kan doen of ik naar een goelag moet! Of dat ik het Kremlin probeer te hacken! Op beren jagen zonder shirt! Een liter zelfgestookte wodka drinken! Stel je toch eens voor!’ Maar Wilfred wilde er niet van weten. Er was geen geld. Geld… het slijk der aarde. Voor echte hartstocht is geen plaats meer, zodra de euromuntjes beginnen te rollen. Sierd gaf Wilfred een slap handje en boekte een vlucht naar zijn vaste camping nabij Madrid.

Er wordt op de deur geklopt. Sierd veert op. Visite! Hier op de camping weet iedereen wie hij is. Hij is ‘El Sierd’, de “suffrador” uit Óllanda! De visite komt natuurlijk even kijken of hij nog een gepeperde uitspraak over die afgedroogde moffen weet. Nou, dan is ‘ie bij deze stacaravan aan het goede adres. Sierd zwiept de deur open en brult: ‘En nou ook meteen onze fietsen teruggeven!’ In het Spaans. Nu hebben de Duitsers niet direct fietsen van de Spanjaarden gejat, bedenkt hij, en überhaupt weet hij niet meer precies wat er nou was met die fietsen, maar goed, wie niet waagt, wie niet wint, en zo is het ook weer.

Voor de deur staat een klein Spaans vrouwtje. Ze kijkt verbaasd noch geamuseerd. ‘Doet u mee met de aquagym?’ vraagt ze. Sierd laat zijn schouders een beetje hangen en knikt. Op het teeveetje is inmiddels Wilfred in beeld verschenen. Hij giert van het lachen om iets wat DJ Jean gezegd heeft. Sierd snuift. DJ Jean… vraag die om een restauranttip en hij komt met Kentucky Fried Chicken op de proppen.

In het zwembad polst Sierd de stemming bij zijn mede-aquagymmers. Hebben ze Duitsland tegen de Koreanen gezien? Mooi volk, die Koreanen. De vrouwen lijken op strijkplanken, daarom zijn de heren altijd onberispelijk gekleed. Ergens achterin het zwembad grinnikt een oude Spanjaard. En die moffen, ginnegapt Sierd tegen de oude vrouw naast hem, die hebben we sinds 1945 niet meer zo zien janken.

‘Ik ben zelf een mof’ zegt de vrouw. Sierd zwijgt geschrokken. Voor hem ziet hij iemand zijn hoofd schudden.

‘En nu allemaal strekken, de handjes in de lucht!’ roept de instructrice op de zwembadrand. Sierd strekt zijn handen naar de hemel. De zon verwarmt zijn vingertoppen.  Maar verder komt het niet.