'Haben Sie eine Stunde?'
- Leo Beenhakker

Een kerstverhaal van Virgil van Dijk en Doctorandus Snuffels

Virgil van Dijk werd iets na Kerst de duurste verdediger ter wereld. Dat noopte hem tot harde keuzes. Aan de vooravond van zijn avontuur bij Liverpool, staat Virgil eerst nog een hartverscheurend afscheid te wachten. Martijn Neggers schreef erover.

Virgil sloft de trap op. Kerst duurde lang. Hij wil terug naar huis, naar Engeland. Boven heeft zijn moeder zijn tas al ingepakt. Onderbroeken bij de onderbroeken, shirts bij de shirts. En een reepje, voor in het vliegtuig. Virgil rommelt door zijn tas heen. Tandenborstel, kammetje. Alles zit erin. Alles, behalve één ding.

Met de souplesse die alleen een verdediger van pakweg vijfentachtig miljoen euro in zijn knieën heeft, hurkt hij voor zijn eenpersoonsbed in zijn ouderlijk huis. Het bed waarop er verhaaltjes aan hem voorgelezen werden. Het bed waarop hij de volledige serie van Suske en Wiske verslond, met een zaklamp, onder zijn dekbed. Het bed waarop hij zichzelf voor de eerste keer aftrok, denkend aan Janneke van den Otterloo, van twee deuren verder. Had op haar veertiende al perfecte tieten – en daar wist de fantasie van de jonge Virgil indertijd wel raad mee.

Virgil graait met zijn linkerarm (ter waarde van, laten we zeggen, 23 miljoen euro), onder zijn bed. Niks. Dan gaat hij op zijn buik (8 miljoen euro) liggen. Hij spant zijn schouderspieren (6 miljoen) een beetje aan, en tast nog wat verder onder het bed. Bingo. Doctorandus Snuffels. Daar ligt ie. Vannacht viel hij tussen het bed en de muur, door een van de spijltjes heen, ergens in een hoekje onder het bed. Met de daadkracht die alleen de duurste verdediger ter wereld heeft, grist hij het ding onder zijn bed vandaan, en plukt wat vlokken stof van het pluchen paarse konijntje af.

‘Hoi, doctorandus Snuffels,’ mompelt Virgil. Doctorandus Snuffels reageert niet. Virgil zet het beestje op zijn linkerbovenbeen (32 miljoen). ‘We moeten praten, Snuffels.’

Virgil twijfelt. Hij haalt een keer diep adem. Hij aait Doctorandus Snuffels over zijn kopje en vermant zich dan. ‘Ik ben nu de duurste verdediger ter wereld, Doctorandus Snuffels. Ik ben duurder dan Sergio Ramos. Duurder dan Leonardo Bonucci. Ik ben waarschijnlijk zelfs duurder dan het verdedigingsduo De Vrij – Hoedt. Lieve Doctorandus Snuffels, ik denk dat het zelfs mogelijk is om zeventien Joël Veltmans te kopen voor mijn kostprijs. Het is tijd. We moeten afscheid nemen. De duurste verdediger ter wereld ooit kan niet elke kerst teruggaan naar huis om zichzelf door een knuffelkonijn moed in te laten praten. Omdat de wereld een woeste plek is, Doctorandus Snuffels, je zei het me vorig jaar zelf. Het moet stoppen tussen ons.’

Virgil slikt een keer. Zijn rechtermondhoek (270.000 euro) trekt een klein beetje naar beneden. Dan schraapt hij zijn keel weer.

‘Ik hou van jou, Doctorandus Snuffels.’ Dan begint Virgil te huilen.

Een paar uur later zit Virgil in het vliegtuig, in de richting van Engeland. Net op tijd om nog door de douane heen te komen. Niet terug naar Southampton, hij zou wel gek zijn. Hij is tegenwoordig de duurste verdediger ter wereld.

Terwijl het vliegtuig opstijgt, ademt Virgil diep in. Hij houdt niet van vliegen. Hij is er niet bang voor, maar echt een plezier doe je hem er niet mee. Hij pakt de tas die hij op de vliegtuigstoel naast zich heeft gelegd, en ritst de bovenkant een klein beetje open. Daar, vanuit een hoekje van de tas, wordt Virgil vrolijk toegelachen door een paars konijntje. Virgil lacht terug.

‘Laat ze maar denken, Doctorandus Snuffels,’ mompelt Virgil, terwijl hij het reepje pakt dat zijn moeder voor hem had ingepakt.