'Haben Sie eine Stunde?'
- Leo Beenhakker

Breaking: Hearts wint de Europacup voor Clubs van Weleer

Aan de vooravond van Napoli-Feyenoord, overpeinst Martijn Neggers de Champions League: een zieke poel van obsceen veel geld en onprettige dealtjes. Het wordt tijd, vindt hij, dat er een Europese competitie komt voor (relatief) armlastig geworden gevallen topclubs. Hij stelt zich zo voor hoe dat eruit moet zien.

Door , in categorie: Satire op . Tags: , , , ,

‘Eigenlijk begon het als een grapje,’ begint Jack van Gelder met een glunderend gezicht, wanneer Tom Egbers er bij aankomst bij het stadion naar vraagt. ‘Dat werkelijk álle clubs van ons lijstje meteen volmondig ja zeiden, hadden we nooit durven dromen. Achteraf is het natuurlijk mooi dat het goed uitpakt, maar kijk eens naar de lijst van clubs; dan is het ook weer niet zó gek dat het zo’n hit is geworden, toch? Alleen al hier in Nederland zijn Ajax en Feyenoord natuurlijk waanzinnige traditieclubs. Échte gevallen Europese top heeft gewoon echt nog heel veel aanhang en allure. Neem nou dat prachtige blauwe shirt van Glasgow Rangers, die heerlijke vervallen glorie van Parma. Een KV Mechelen, een Bologna, een Hamburger SV. Dat zijn natuurlijk stuk voor stuk prachtige namen. Clubs die gewoonweg niet meer meekomen in het grote geld van de NET-clubs (Nieuwe Europese Top, red.). En toen Eurosport met ons in zee ging – ja, toen hebben we elkaar wel even aangekeken van: dit kan groot worden.’

Ergens in het stadion van Oldham Athletic klinkt een harde knal. Egbers schrikt, maar Jack verroert geen vin, en neemt een slok uit zijn kartonnen koffiebeker.

‘Dat is de gasleiding, die lekt een klein beetje. Dat hoort er ook een beetje bij. Je weet: als je je toernooi half november in de voetbalstadions van Bradford, Sheffield Wednesday en Oldham Athletic wilt laten plaatsvinden, dan horen dit soort dingen er ook bij. Ik geloof dat een paar weken geleden het veld van Sheffield helemaal blank stond. Had er een bouwbedrijf per ongeluk in een waterleiding zitten boren. Dát, Tommie – en dat moet jij toch ook vinden – dát is toch het echte voetbal?’

Tom kijkt om zich heen. Het is lang geleden dat hij in een voetbalstadion stond dat gemaakt is van beton en van baksteen. Waar de gangen scheef zijn en de tegels van de muren afvallen als je er een keer op tikt. Er komen vier jonge Engelse mannen voorbij lopen. Eén roept er, als ze bij het stadion even stilstaan, ‘FUCK YOU SIMON SHITEHEAD CORNEY!’, waarna hij nog even zijn middelvinger opsteekt naar het stadion en doorloopt.

‘Lekker Engels, dit hè? Gewoon even hun onvrede uiten naar de voorzitter van de plaatselijke FC. Hier heb je nog échte ouderwetse hooligans. Héérlijk toch, Tommie?’ Egbers trekt zijn wenkbrauwen op.

‘Kom, ik laat je het stadion zien. Dynamo Dresden staat hier net te trainen. Die wilden even ruiken aan het veld.’

*

Ondertussen verorberen Martin van Geel en Edwin van der Sar op het erevak van de tribune in Oldham een gehakttaartje. Zwijgend staan ze naast elkaar, in de regen, in een leeg vervallen stadion naar de training van Dynamo te kijken.

‘Echt gras, Ed.’

‘Ja.’

‘Dresden kan er werkelijk geen kut van,’ verzucht Van Geel. Terwijl hij het zegt valt er een brokje deeg uit zijn mond.

‘Wat ga je straks zeggen, tegen Eurosport?’

‘Dat er op dit niveau natuurlijk geen écht zwakke tegenstanders zijn. Alleen maar clubs met een grote historie, een legendarische achterban natuurlijk. En dat het lekker is om op echt gras te spelen. Tegen wie spelen jullie?’

‘Forest, morgen.’

‘Hm. Kunnen die er wat van?’

‘Nee.’

De zachte novemberregen begint een flinke hoosbui te worden. Op het veld begint het te ruiken naar gas, maar de terreinknecht heeft een uur geleden uitgelegd dat dat alleen het stofje is dat ze bij gas stoppen om het te laten ruiken. Dat het gaslek inmiddels boven is en de leidingen gerepareerd zijn. Dus Edwin en Martin blijven staan. Ze staan redelijk droog en ze zijn warm aangekleed.

‘Het is toch écht gras hè…’

‘Ja.’

‘En voor de spelers is het natuurlijk mooi. Ik bedoel, een jaar lang gratis boodschappen doen is gewoon wel echt een prijs. Het hoeft allemaal niet veel te kosten. Als je je vaste lasten kunt drukken is dat voor veel van die jongens hier al erg prettig.’

‘En als je hier verliest?’

‘Daar wil ik niet aan denken, Ed.’

*

‘We zitten hier in de bestuurskamer van Bradford City, voor een speciale uitzending van Studio Voetbal, op de halvefinaledag van de Europacup III, de Cup voor gevallen Europese topclubs. Voor één keer ondergetekende, niet alleen als een van de initiatiefnemers, maar ook weer eens lekker ouderwets als presentator en gespreksleider. Een warm bad, jongens. Echt. Heel fijn dit. Gisteren zijn er, na het verlies tegen Kaiserslautern dertig supporters van Aston Villa opgepakt omdat ze ’s avonds de winkelstraat van Bradford in brand gestoken hadden. Jongens, zeg het maar. Dit is toch écht voetbal?’

‘Het belangrijkste eerst, Jack,’ mompelt Jan Mulder nonchalant, voorovergebogen, maar toch nét iets te hard, ‘klopt het dat de verliezer van de finale een jaar lang John Troost als mental coach krijgt? John Troost, Jack!’ Jan gaat er nog verder voorovergebogen voor zitten en gooit één hand in de lucht, ‘John Troost, Jack!’

‘Dat was een idee van Eurosport. Die hebben daar vrij harde keuzes in gemaakt. Het moet wel écht voetbal blijven natuurlijk. De verliezer krijgt een jaar lang een verliesgevende sigarenzaak in Betondorp en een jaar lang een mental coach in de persoon van John Troost. Nou, dan wil je er wel voor gaan, hoor!’

‘Maar, Jack!’

‘Even niet, Jan. Wat een héérlijke middag hier in Bradford. Het regent, het is koud en donker, maar straks staat er een echte kraker op het programma: Feyenoord tegen Glasgow Rangers. We schakelen door naar Giovanni van Bronckhorst, die op het veld staat met Jan-Joost van Gangelen. Jan-Joost, is het nog te hebben, daarbuiten?’

‘Jack, het regent hier pijpenstelen, er liggen plassen op het veld. Dit is voor niemand leuk.’

‘Maar ruik je het gras, de modder?’

‘Jens Toornstra heeft net een dwarslaesie opgelopen tijdens het warmlopen, Jack.’

‘Het is een mannensport, Jan-Joost, een echte mannensport!’

Van Gangelen wendt zich tot Van Bronckhorst.

‘Gio, de Rangers – speciale wedstrijd voor jou hè. Denk je dat onderschatting een rol gaat spelen?’

‘Of onderschatting een rol gaat spelen? Nou kijk, in deze fase heb je natuurlijk geen écht zwakke tegenstanders meer. Alleen maar clubs met een grote naam, een grote achterban, veel prijzen gewonnen in het verleden. En, ja het is natuurlijk lekker dat we gewoon op echt gras spelen.’

*

Rangers wint de halve finale na strafschoppen. Van de elf Feyenoorders die aan de aftrap verschijnen, verlaten er vijf geblesseerd het veld. Jones scheurt zijn kniebanden af door een draai in een modderplas, Jörgensen breekt na een glijpartij twee ribben en een sleutelbeen. Dan zijn er nog wat verrekte hamstrings en natuurlijk de schedelbasisfractuur van Karim El Ahmadi. Martin van Geel verschijnt gematigd tevreden voor de camera.

‘Kijk, we hebben gewoon laten zien dat we nog mee kunnen in de traditionele top van Europa. Dat is voor een club als Feyenoord, die toch van heel ver gekomen is, gewoon uitermate prettig. Je ziet dat dit toernooi leeft, bij de spelers, de pers, de toeschouwers. Je ziet gewoon dat mensen weer écht voetbal willen. Gras willen ruiken. Geen poenige voorzitters meer. Voetbal is toch een mannensport.’

Op dat moment gooit een obese Schot een blik Guinness naar het hoofd van Van Geel. Op tv wordt er net op tijd overgeschakeld naar de studio.

‘Jongens, zeg het maar: dit is toch écht voetbal. Doen we weer mee in traditioneel Europa, Pierre?’

April. Zwijgend laadt Robbie Crawford vijftien pakken gratis wc-papier in zijn auto. Morgen speelt hij met de Rangers uit tegen Heart of Midlothian FC. Een wedstrijd in de tweede Schotse divisie, en ook nog eens om des keizers baard. Het is ook dit jaar weer niet gelukt om eindelijk te promoveren naar de Scottish Premier League. God dank hebben ze de Europacup T-finale gewonnen dit jaar, anders hadden ze komend jaar die idioot van een John Troost er ook nog bij gehad. Nee, hij benijdt de mannen van Sampdoria niet.

Even staat hij stil en kijkt hij om zich heen. Het is grijs in Glasgow. Motregen. Op straat staat een auto stil met een rokende motor. Achter hem toeteren vier wachtende auto’s. Zijn eigen Citroënbusje vol gratis wc-papier moet komende maand naar de APK. Toch altijd spannend, met een wat ouder bakkie. Crawford zucht. Volgend seizoen weer zo’n seizoen vol echt voetbal. Maar god dank spelen ze op gras.